Miss Nederland, een vieze plas en veel calvados op de Mont Ventoux

Frits Bakker

TERNEUZEN – Ik weet hoe gebiologeerd mijn collega René is door de Mont Ventoux, die in de streek ligt waar hij al vele jaren zijn vakanties doorbrengt. Hij heeft die berg nog maar eens van onder tot boven verkend dit jaar en zal u er aan de vooravond van de beklimming in de Tour alles over vertellen. Toch wil ik u één dag op de Mont Ventoux niet onthouden, omdat het in mijn beleving de mooiste is geweest van alle keren dat ik op de Mont Ventoux ben geweest. Dus vergeef me, René, dat ik je vandaag even in de wielen rijd.

Twee jaar na de gedenkwaardige overwinning van Marco Pantani was het, in 2002, toen ik voor het eerst in alle jaren als volger, toevallig net een paar dagen uit de Tour moest, omdat ik een keer iets te gewaagd langs een kopgroepje was gereden. De perschef, John Lelangue, een Belg, belde me op een avond op, vriendelijk, maar streng. Hij had een briefje van een gendarme gekregen met het nummer van mijn auto op.

,,We zijn wat strenger geworden dit jaar”, zei hij, ,,dus blijf voor de goede orde even twee dagen weg bij het peloton en kom na de Mont Ventoux weer terug. Dan geef ik je een betere (groene) sticker dan dat je nu hebt, waar je overal mee mag rijden.”

Ik vond het niet erg, integendeel, omdat ik met een paar vrienden op de Mont Ventoux had afgesproken en daar de dag mee wilde maken. Het werd een geweldige dag, tussen al die duizenden Nederlandse en andere wielerfans. Mijn vriend, Toon Deij, had zijn twee jongens mee om te kalken, die hadden weer twee mountainbikes en daarop ben ik vanaf het beroemde Chalet Reynard nog even naar boven gereden naar het monument van Tom Simpson.

Het werd de dag van Richard Virenque, die reed voor Domo/Farm Frites dat jaar, op de fiets in de kleuren zoals ik er nu nog op rijd en die van Robbie McEwen was. Virenque bleef over van een kopgroepje, dat vroeg was weggereden en op het laatst werd opgejaagd door een ontketende Lance Armstrong. Maar het was vooral een dag zoals ik ze van binnen in de koers nooit meemaak. Dus zoals de echte wielersupporters het beleven.

We hadden één kilometer onder Chalet Reynard een tentje opgezet op de keien, vlakbij een klein, kabbelend beekje. Daar zouden we de nacht doorbrengen met de twee vrienden die met me mee waren gereisd. ’s Morgens gingen we al naar het chalet om wat te drinken en tussen de middag een Franse lunch tot ons te nemen. De tafeltjes waren schaars, maar Jan de Kraker, een zakenman uit Axel, had er één gereserveerd voor vijftien man. ‘Axel’ stond er gewoon op een smoezelig kaartje.

Daar schoven we aan en gingen we al vroeg aan de alcohol. ,,Doe maar een paar flessen calvados”, riep Jan stoer. En na twee uur kwam hij in vorm, zoals we hem kennen na een paar drankjes. Hij zong tussen al die Belgen en Fransen uit volle borst wat hij altijd zingt als hij in Frankrijk is: ,,Deux escargots, deux escargots…” En hij haalde de truc uit waar hij een patent op heeft: met de broek een beetje los de deur van het toilet zachtjes open doen en naar de cafébaas roepen: het papier is op, meneer.

We zijn, in afwachting van de komst van de renners, later een eindje omhoog gegaan, naar het stukje waar de Fransen grote barbecues hadden aangericht en bier en wijn vanuit kleine kraampjes te krijgen was. Ik stond er op een gegeven moment in een rij voor één van de vele kleine toilethokjes met Nerena, de Miss Nederland, die voor het eerst als de nieuwe vriendin van Michael Boogerd in de Tour was. Ik was iets eerder aan de beurt en kwam terecht in een stinkhok met honderden vliegen.

Moet ik het zeggen tegen haar, dacht ik, toen ik naar buiten kwam en zag dat er nog maar twee mensen voor haar stonden. Ik heb het niet gedaan, omdat ik het eigenlijk niet zo goed durfde. Ze keek ook voor zich uit alsof ze zelf wel zou uitmaken waar ze haar plas deed. Ik bleef haar nog even nastaren en zag haar even later naar binnen gaan. Wat een ongelooflijk vieze plas moet dat geweest zijn voor de Miss Nederland.

Richard Virenque kwam die middag voorbij in een onvergetelijke zegetocht voor de Fransen. De gevallen held, na de dopingschandalen die hem hadden achtervolgd, werd die dag weer op zijn voetstuk gezet. Hij won de etappe voor Alexandre Botcharov. Lance Armstrong, die geweldig tekeer ging in de klim, werd derde en legde de basis voor zijn Tourzege.

Ik meldde me na de etappe bij de Tourchef, die me bijna omarmde vanwege het Franse succes. Hij ga me de groene sticker die ik daarna nooit meer heb verspeeld en waarmee ik nu ongestraft achter kopgroepjes mag aanrijden.

We zijn nog heel lang calvados blijven drinken in Reynard, Jan de Kraker heeft er in de late uren heel het café gestofzuigd en we hebben wankelend de tent opgezocht, na een onvergetelijke dag op de Mont Ventoux.

Advertenties

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Actueel, Tour de France, Wielerhistorie, Wielersfeer, Wielervideo's

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s