We beleven de Ronde van Lombardije in het echt mee

Frits Bakker

BELLAGIO – ,,Kijk, hier heeft Johnny Hoogerland met de besten mee omhoog gereden.” Ik stoot mijn collega Jan Dagevos aan, als we de klim vanuit Bellagio maken naar Madonna del Ghisallo, waar de herdenkstenen staan van Fausto Coppi en Gino Bartali en honderden wielershirts als relekwieën van historische helden zijn te bewonderen. ,,Hoe is het mogelijk, al die haarspeldbochten en dan mee zijn met Samuel Sanchez, Philippe Gilbert, Yvan Basso, Cadel Evans, Alexander Vinokourov, Robert Gesink… Ik krijg in een moment van vertedering nog meer bewondering voor onze wielerbelofte uit Zeeland.

Twintig haarspeldbochten tellen we, soms zelfs met een stijgingspercentage van 14 procent. En ze blijven maar komen. Eerst acht vanuit het plaatsje Bellagio, dat zo schilderachtig aan het Meer van Como ligt. En daarna, na een kort stukje dat af en toe zelfs naar beneden gaat, nog eens acht bochten. Ik zie de reportage van de Ronde van Lombardije nog voor me. Johnny Hoogerland vrijwel voortdurend op de voorste rijen, uiteindelijk sprintend voor een mooie vijfde plaats achter Philippe Gilbert, Samuel Sanchez, Alexandr Kolobnev en Luca Paolini, maar voor Robert Gesink, Aleksander Vinokourov, Daniel Martin, Juan Jose Cobo en Cadel Evans.

Het fraaie uitzicht vanaf de flanken van de col die naar Madonna del Ghisallo voert. foto Frits Bakker

We zien het voor ons en dromen weg. ,,Zou Johnny ook hebben gezien hoe mooi het uitzicht hier is op de bergen en op het meer”, zegt Jan. Ik denk het niet, antwoord ik, want in zo’n finale van de Ronde van Lombardije, op veertig kilometer van de finish, heb je wel wat meer te doen dan van het uitzicht genieten. Het kerkje in Madonna del Ghisallo, met de monumenten van Coppi en Bartali, heeft hij natuurlijk ook niet gezien. Wel de klokken horen luiden, want dat doen ze daar altijd als de klassieker voorbij raast op weg naar de eindstreep in Como.

Jan duikt nog even in de boeken. ,,We mogen niet vergeten dat Jo de Roo, ook één van ons, hier heeft gewonnen in 1962, in het jaar dat hij ook Parijs-Tours en Bordeaux-Parijs al had gewonnen. En één jaar later, in 1963, won hij nog eens zowel Parijs-Tours als de Ronde van Lombardije. En ongetwijfeld zullen ze dan ook deze lastige finale hebben gereden.”

Ik stuur een sms’je naar Johnny met de tekst: ,,Hoe is het met je rug? En ik rijd (met de auto) op de laatste klim van de Ronde van Lombardije. We krijgen alleen maar meer bewondering voor je.” Hij reageert niet direct, zeker in behandeling met zijn blessure die hij heeft opgelopen in Parijs-Nice.

Maar één ding weten we na vandaag zeker. Wie in zo’n topkoers mee kan rijden met de besten, gaat zeker nog veel moois laten zien. We hebben de klokken van het kerkje niet gehoord, maar hebben wel de zwarte sneeuw gezien van een ongelooflijk zware klassieker.

Advertenties

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Actueel, Johnny Hoogerland, Klassiekers, Wielerhistorie, Wielersfeer

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s