Oscar Freire en Mark Cavendish: wereld van verschil

Frits Bakker en Jan Dagevos

MILAAN – Het hotel waar Mark Cavendish met zijn ploeg verblijft is nog in een diepe rust. We zijn voor alle zekerheid vroeg in de auto gestapt om de persconferentie van de sprinter, die om tien uur staat gepland, te halen. En wie de rondwegen van Milaan kent, kan maar beter het zekere voor het onzekere kiezen. Wij hebben geluk: om half negen draaien we al de parking voor het hotel op. Verder nog niemand te zien van journalisten, alleen wat renners die op weg zijn naar het ontbijt.

Het hotel waar de Rabobankploeg logeert, in het hartje van Milaan, baadt zich een paar uur later in een heerlijk zonnetje. De teamarts leest een boek aan het zwembad, Luc Eisinga, de perschef, arriveert net met zijn koffertje, wij zitten met vijf  journalisten te wachten op de renners. Luc vraagt: ,,De heren al wat te drinken gehad, dan zal ik er eens voor zorgen.”

Het verschil tussen Mark Cavendish, vroeg op de morgen en Oscar Freire, in de vroege namiddag? De Britse sprinter draait nerveus op zijn stoel, ontwijkt de moeilijkste vragen, ziet zichzelf absoluut niet als een kanshebber voor Milaan-Sanremo, die hij vorig jaar won, wil ook geen kanshebbers noemen (,,het belangrijkste is dat ik zelf de finish haal”) en hij hoopt vooral op betere tijden verder in het jaar. De Giro rijdt hij overigens niet, hoewel hij graag had gewild, maar het team heeft andere belangen.

Oscar Freire schuift met zijn eeuwige glimlach aan het tafeltje aan waar wij de schrijfboeken in de aanslag hebben. Hij antwoordt buitengewoon vriendelijk op alles wat we willen weten, zegt dat hij één van de kanshebbers is, dat hij alleen twijfelt aan de ploeg, of de jonge ploeggenoten wel sterk genoeg zijn om op de Poggio de finale te rijden en eindigt met het verhaal dat hij Rabobank volgend jaar nog een seizoen wil dienen. Wel eens gedacht, vragen wij, om net als Juan Antonio Flecha van team te veranderen voor zijn laatste jaar? Oscar lacht weer zuinig: ,,Mijn eerste optie is Rabobank.”

Mooie vergelijking dus. De ene, jonge sprinter, die nog klaar is voor het seizoen. De andere, 34-jarige sprinter die gretig naar de klassiekers toeleeft. Want Oscarito, de dromer, heeft wat goed te maken. Hij is vorig jaar, vooral ook in de Tour de France, wat al te vaak verslagen door de supersnelle Mark Cavendish.

De volgbewijzen voor Milaan-Sanremo: de PZC-equipe rijdt met volgnummer 9 in koers. foto Jan Dagevos

We zijn klaar voor Milaan-Sanremo, maken ons op voor een prachtige koers morgen. De stickers voor de auto opgehaald in een soort kasteel, perskaarten lagen keurig klaar, een heerlijk naslagwerk meegekregen over het Italiaanse wielrennen en daarna Milaan nog even ingegaan. Jan heeft de burelen van la Gazetta dello Sport bezocht en had een goed interview met één van de belangrijkste wielerjournalisten van de roze krant. Dat levert voor de Giro een mooi verhaal op.

Tom Boonen vertelt in de Gazetta van vandaag dat hij weliswaar één van de grote kanshebbers is om Milaan-Sanremo te winnen, maar dat geluk daarbij een grote rol zal spelen. Ik lees ook dat Riccardo Riccò niet welkom is in de Giro vanwege zijn dopingzonden. Dat heeft Angelo Zomegnan, de Girobaas, gisteren met veel klem verzekerd. Hij wil een schone ronde. Wie reageerde op dit weblog ook weer dat wij, de schrijvers, niet zo met de beschuldigende vinger moeten nawijzen naar meneer Riccò?

Wat ook aardig is in de Gazetta van vandaag? Het eetpatroon van Alessandro Petacchi, sprinter van Lampre, voor morgen aan de hand van het schema dat dokter Carlo Guardasclone voor hem heeft gemaakt. Het komt in het kort neer op 6000 calorieën, verbruikt in 298 kilometer koers, verdeeld over 150 gram pasta, 150 gram rijst, 200 gram kip en verder veel groenten, aardappelpurees en bidons met calorierijk vocht en thee.

Het dagmenu van Alessandro Petacchi voor en tijdens Milaan-Sanremo.

Voor de liefhebbers, het dagpatroon van Petacchi:

6 uur: wekken en opstaan.

6.15 uur: twee glazen melk, suikers, geroosterde broodjes met jam.

6.30 uur: 100 gram spaghetti, omelet van 2 tot 3 eieren, twee koppen koffie.

9.20 uur bij vertrek: voor onderweg vier broodjes honing, twee energierepen, twee bidons, één met thee, één met energiedrank.

13.00 uur, eerste bevoorrading: twee broodjes honing, twee energierepen, twee bidons, thee en water met zout.

15.15 uur, tweede bevoorrading: klein broodje honing, twee energierepen en een gel.

16.00 uur, voor de laatste vijftig kilometer: energiegel en bidons.

Advertenties

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Actueel, Ronde van Italie, Ronde van Italie in Zeeland, Wielersfeer

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s